Op de hoogte

E-mail nieuwsbrief

Home

Bernhoven laat zien dat COPDnet werkt

20 jun

Inzet ergotherapeut blijkt belangrijke meerwaarde
Twee jaar lang werkt het Bernhoven ziekenhuis in Uden volgens COPDnet, een transmuraal ketenzorgmodel voor mensen met COPD. De ervaringen zijn goed. Door een geïntegreerde aanpak komt men snel to the point, hoeft de patiënt niet zo vaak naar het ziekenhuis te komen en keert hij met een goed plan eerder terug naar de huisarts. Dit alles leidt tot lagere zorgkosten. Ook het feit dat de patiënt zelf inspraak heeft in de interventie wordt als positief en extra motiverend ervaren.

Longarts Kees Groot werd enthousiast van het verhaal van Alex van ’t Hul, programmadirecteur COPDnet bij het RadboudUMC in Nijmegen, en introduceerde het binnen zijn team. Er werd een projectteam samengesteld en longverpleegkundige Dorien Kooiman-Van der Scheer was daar vanaf het begin bij betrokken. ,,COPDnet past goed binnen Bernhoven’’, zegt ze. ,,We hebben meerdere projecten lopen die er op gericht zijn de grenzen tussen de eerste- en tweedelijns zorg te doorbreken. COPDnet heeft als doel; kort naar de tweede lijn en dan zo mogelijk weer snel naar de eerste lijn. Het is nog wel een proces in ontwikkeling, maar we zijn zeker enthousiast. We merken dat patiënten en zorgverleners de voordelen zien en dat is een belangrijke succesfactor.’’

Longverpleegkundige Dorien Kooiman-Van der Scheer 

Wat is de kracht van COPDnet?

In de afgelopen twee jaar zijn ruim 150 COPD-patiënten gezien en geholpen. ,,Er wordt in twee weken tijd uitgebreid onderzoek gedaan om de patiënt nauwgezet en volledig in beeld te brengen. Er wordt naar meer gekeken dan naar de longfunctie. Dit zogeheten COPD-profiel is namelijk een combinatie van fysiologische informatie en gegevens over voedingtoestand, activiteiten en inspanningen, rookgedrag en coping van de patiënt. Dit komt voort uit de vragenlijsten, zoals de NCSI die door de patiënt zelf zijn ingevuld. Doordat het geen inschatting is vanachter een bureau, maar een samenspel van het verhaal van de patiënt en degelijk onderzoek, kun je als zorgverlener goed zien of het beeld van de patiënt strookt met de werkelijkheid. De vragenlijsten hebben als extra voordeel dat je sneller tot de kern van het probleem kunt komen. Immers, iemand heeft ze zelf ingevuld en dat maakt bepaalde onderwerpen makkelijker bespreekbaar.

Als iemand bijvoorbeeld aangeeft dat hij of zij gefrustreerd is of bang voor benauwdheid dan kun je daar meteen actie op ondernemen, zoals het breed inzetten op fysiotherapie en ergotherapie. In reguliere zorgtrajecten wordt vaak eerst gekeken of iets effect heeft en pas daarna weer verder gekeken. Wat de inzet van ergotherapie betreft, daarover zijn we zeer enthousiast. Dat deden we vroeger nooit, maar nu steeds meer. Patiënten ervaren dit als zeer positief en zeggen bijna allemaal dat ze hier veel baat bij hebben gehad. Je helpt mensen bij hun manier van ademen en bovendien komt een ergotherapeut aan huis en die kijkt concreet naar wat mensen doen in hun thuisomgeving en- situatie. Er is inmiddels een extra ergotherapeut actief in onze regio en dat komt echt door COPDnet. We zien dat ook andere longartsen dit overnemen.’’

Huisarts

Door een goede terugkoppeling naar en wisselwerking met de huisarts is iedereen van elkaar op de hoogte. Het leidt vaker, naar nu blijkt, tot niet-medicamenteuze interventies. ,,Als problemen voortkomen uit angst, frustratie of coping, kun je een lang traject met medicatiewisselingen overslaan. In dat kader is tevens gebleken dat een warme overdracht en een goed contact met de huisarts/praktijkondersteuner bijdragen aan een effectieve behandeling. In ons overdrachtsdocument staat nu wat de adviezen zijn, ook die waar de patiënt nu nog niet voor kiest. Het is bovendien makkelijker om hierover contact te onderhouden als  je elkaar kent. Huisartsen kunnen rechtstreeks verwijzen, maar om te zorgen dat alleen geschikte patiënten in het COPDnet gezien worden, worden binnen Bernhoven alle patiënten eerst door een longarts gescreend. Daarbij wijken we af van de standaard.”

PAM

Een belangrijk onderdeel van het COPDnet is de PAM, ofwel patient activation measure. Aan de hand van 14 vragen wordt bepaald hoe de patiënt staat ten opzichte van zijn gezondheid. Dit kan variëren van ‘achteroverleunden, het overkomt me allemaal’ of ‘ik ga ervoor’. ,,We kijken goed naar deze score. Iemand zonder vertrouwen moet je niet overladen met kennis en informatie of doorverwijzen voor allerlei interventies. Daar moet eerst mee gepraat worden om zijn vertrouwen te vergroten, dat voorkomt onnodige verwijzingen en scheelt ook weer in kosten.’’

Overall tevredenheid over hoe COPDnet in de praktijk functioneert, al ziet Kooiman-Van der Scheer nog hier en daar verbeterpuntjes. ,, Wij hebben het aan onze kant goed georganiseerd, maar het kan altijd nog beter, zeker logistiek gezien. We laten ons daar echter niet door afschrikken. Het stimuleert ons juist om er een extra tandje bij te zetten.’’